Honing

Honing is het bekendste product dat de bijen maken. Om honing te maken halen bijen nectar uit bloemen of likken ze de honingdauw op die luizen afscheiden. Deze nectar bevat ongeveer 80 % vocht. De bij voegt in de honingmaag enzymen en goede bacteriën toe en de nectar wordt teruggebracht naar het nest en overgedragen aan andere bijen. Deze dikken de nectar in door ze over te geven aan elkaar en ook weer enzymen toe te voegen. De honing wordt in de honingcellen gespoten. Vervolgens wapperen ze met hun vleugels totdat de honing voldoende vocht heeft verloren. Honing mag maximaal 20% vocht bevatten, anders kan het gaan gisten. Is de honing dik genoeg (16-20% vocht), dan sluiten ze de cellen met een wasdeksel. Om één honingcel te vullen zijn ongeveer 25 vluchten nodig.

De smaak en de kleur van honing worden bepaald door de dracht die ervoor gebruikt is. Het is daarom niet precies mogelijk om te zeggen wat de samenstelling van honing is maar gemiddeld ziet dat er zo uit.

38% Fructose

31% Glucose

15-20% Water

5-15% meervoudige suikers

3% Enzymen, mineralen, vitaminen en vezels

Alle (onbewerkte) honing kristalliseert. Dit is een natuurlijk proces. De glucose lost niet meer goed op en vormt kristallen. Hierdoor wordt de honing hard. Dit is op te lossen door de honing au bain marie te verhitten tot ongeveer 35 graden. Hierdoor wordt ze weer vloeibaar. Maak honing niet te heet, want dan verliest het smaak en waardevolle stoffen.

In een natuurproduct als honing kunnen sporen zitten van de bacterie Clostridium Botulinum. Kinderen onder de 1 jaar hebben nog geen volledig ontwikkelde darmflora waardoor deze sporen kunnen uitgroeien tot bacteriën die een giftige stof afscheiden (botuline). Om deze reden wordt afgeraden om kinderen onder 1 jaar honing te laten eten. Na deze leeftijd kunnen deze sporen zich niet meer ontwikkelen door onze darmflora.

De honing is met de grootste zorg verwerkt en bevat geen kunstmatige toevoegingen.

Regelmatig heb ik honing te koop. Stuur een email bij interesse.