Hoewel grote gedeeltes van Nederland verborgen gaan onder een witte laag sneeuwpret en er de komende week flinke vorst en ijspret in de lucht hangt zijn de eerste tekenen van de aankomende lente al zichtbaar geweest. Op dagen dat het wat warmer is en de zon op de kast schijnt komen de bijen al naar buiten. Ze weten zelfs de vroeg bloeiende planten zoals de Hazelaar te vinden en nemen al poten bedekt met stuifmeel terug. Dit is nodig om het kleine broednest dat inmiddels al weer is ontstaan te voorzien van eiwitten.
Een van de bijenkasten was te licht. Zij hebben het voer sneller opgenomen dan voorzien en moeten dus bijgevoerd worden. In dit seizoen kan dat door een pak suikerdeeg bovenop de wintertros te leggen. Aan de onderkant maak ik een gat in het plastic zodat de bijen naar binnen kunnen. Ze knabbelen dan zelf het pak leeg en zorgen met hun eigen condenswater voor de juiste vochtverhouding.
Pak suikerdeeg bovenop de wintertros
en de bijtjes komen vanzelf eten
Ook binnen begint het voorjaar al langzaam zijn intrede te doen. De eerste pepertjes zijn al ontkiemd en verspeend en staan al onder de lamp om een beetje een voorsprong te hebben voor het groeiseizoen straks.
het eerste groen staat al weer op de vensterbank
Het zijn de eerste tekenen maar nu eerst maar even genieten van de koude die er nog aankomt!
Tijdens het snoeien in de boomgaard neem ik vaak wat snoeihout mee om later thuis te bewerken. Ik heb een aantal takken van de walnotenboom meegenomen en goed laten drogen. Vervolgens een gat erin geboord en met scherp zakmes aan de slag. In dit geval heb ik er een armband voor Sara en een ring voor Nadja van gemaakt. De armband is bewerkt door middel van pyrografie. De ring is deels behandeld met een zelfgemaakt goedje dat hout donkerder kleurt.
Naast het hout komen er natuurlijk ook noten van de walnoot. Deze moeten ook een tijd drogen en kunnen dan lekker gegeten of verwerkt in bijvoorbeeld baklava. Vandaag hebben we een tweedehands oven gekocht en die moest natuurlijk uitgeprobeerd. Honing en noten zijn echt een top combinatie! Baklava wordt met een flinke hoeveelheid gemaakt dus dat kun je maar het beste delen.
In de herfst ben ik een beetje klaar met bijen. De zomer is een drukke periode met het oogsten van de zomerhoning, de varroabestrijding en het inwinteren. Er gaat dan vaak stiekem meer tijd in zitten dan gewild. Daarna ben ik zoals gezegd even bijen moe en zet ik alles weg. Na een paar weken begint dat echter weer te kriebelen en gelukkig zie je de bijtjes weer een keer bij het oxalen in de winter en er is nog zat werk om de weer opkomende werklust te beteugelen.
Oude kasten moeten schoongemaakt en eventueel opnieuw behandeld. Er moesten een paar nieuwe bakken bewerkt en behandeld worden en natuurlijk het insmelten van nieuwe raampjes.
Wat een werk
gelukkig krijg ik hulp
van de Babeekeeper
eerst erop tekenen
daarna branden en beitsen
Tevens heb ik wat oude raampjes aangepast zodat ze kunnen worden ingezet voor de varroabestrijding. Het raampje wordt in 3-en opgedeeld. Hier maken de bijen dan Darrenraat in. De varroamijt heeft een voorkeur om zich hierin te nestelen. Om de week snij je dan het stuk met dicht darrenbroed en dus een hoop mijten eruit.
2020 jaar geleden moest in deze tijd van het jaar zelfs in Bethlehem in de avond de warmte worden opgezocht van een os of ezel als je in een stal wilde bevallen. Hoe anders is het tegenwoordig. Het seizoen draagt de naam nog, maar met mijn beleving van winter heeft het weinig meer te maken. Vriezen doet het nauwelijks nog en sneeuw lijkt iets uit sprookjes als Frozen en mijn jeugd.
Dit heeft gevolgen voor de bijen en de imker. Varroa is een parasiterende mijt die sinds de jaren 80 in onze bijenkasten leeft. De honingbij heeft te weinig weerstand tegen deze parasiet. Varroa komt van oorsprong uit Azië en de honingbij herkent de mijt niet altijd als probleem. De mijt voedt zich via kleine gaatjes die het maakt in het Chitine pantser van de bij. Hierdoor wordt de bij ook kwetsbaar voor andere ziekten parasieten en infecties. Dit kan hele kolonies vernietigen.
Als imker helpen we de bijen door de Varroa te bestrijden. Er wordt veel onderzoek naar gedaan door o.a. de Universiteit van Wageningen en het Bieneninstitut Kirchhain. Het is belangrijk dat de behandeling de bijen niet schaadt, de honing zuiver blijft en dat er geen resistentie bij de Varroamijten optreedt.
In de winter wordt er gedruppeld met oxaalzuur vermengd met suiker. Deze druppel je op de straatjes met bijen. De bijen verdelen dat verder de kast in. De mijten die in aanraking komen met de oxaalzuur-kristallen gaan dood. Om dit goed te doen mag er geen broed zijn en moeten de bijen goed op de wintertros zitten. Hier maken de kwakkelwinters de dingen extra lastig. Er moet even een paar dagen vorst zijn zodat de koningin stopt met eitjes leggen. 3 weken na dat moment is er geen broed meer omdat alles wat er nog was aan eitjes inmiddels is uitgekomen. Dan kan er op dagen gedruppeld worden waarbij het koud genoeg is.
Nu was het 1 december koud genoeg voor de broedstop. 3 weken verder rond de 21ste zou er dus geoxaald kunnen worden. Het was echter weer te warm. De bijen zitten dan te los op de tros en vliegen zelfs bij mooi weer een rondje om zich te ontlasten. Hierdoor is de behandeling niet effectief omdat de kristallen zich niet goed genoeg over alle bijen verdelen. Te lang wachten kan ook niet. De dagen gaan weer lengen na de 21ste. Het weer opnieuw gaan leggen van de koningin wordt bepaald door het langer worden van der dagen. Een beetje zenuwachtig maakte me dit dus wel. Dus alles stond al klaar en bij de eerste koude dag actie. Dat was dus vandaag op eerste Kerstdag.
Bijen op de wintertros, ongeveer zo groot als een volleybal
Heel fijn om de bijtjes weer even van dichtbij te zien. De vreugde is geenszins wederzijds. Na het inwinteren heb ik ze alleen nog maar door het dekfolie bekeken om ze zo min mogelijk te storen. Het lijkt erop dat de volken het tot nu toe goed doen. Er zijn verschillen in grootte, maar geen alarmerende zaken. Snel de behandeling uitvoeren en de kast weer dicht. Nu weer wachten tot februari/maart.
Op eerste Kerstdag, vanuit de (bijen)Stal, wensen wij samen met onze duizenden gevleugelde engeltjes iedereen hele fijne dagen toe en hopen op een mooi 2021!
Na het inwinteren van de bijen is het even rustig. De bijen vormen de wintertros en sparen hun krachten om komend voorjaar weer sterk uit te winteren. Afgelopen weken was het nog vaker mooi weer en dan zag je nog steeds wat bijtjes vliegen en sommigen brachten zelfs nog stuifmeel binnen.
Nu de eerste nachtvorst er vorige week was lijkt het ook echt kouder te worden. De bijen komen nu niet meer naar buiten. In de kast zelf vormen de bijen nu de wintertros. Hierbij zitten ze dicht op elkaar gepropt met de koningin in hun midden. De bijen gebruiken hun vliegspieren om de temperatuur omhoog te krijgen. In het midden van de tros is het zo’n 15 graden. Aan de randen een graad of 10. Als er bijen van de tros vallen of weglopen, dan worden deze te koud en gaan ze dood.
De wintertros is de manier van bijen om door de winter te komen. Als straks het voorjaar weer begint, dan start de moer met leggen en groeit het volk snel.
In de zes “straatjes” tussen mijn vingers zie je de wintertros
Ondertussen is er voor de imker tijd om zaken een beetje op te ruimen, schoon te maken en voorbereidingen te treffen voor komend seizoen. Samen met Rolf een bevriend imker hebben we bij de gemeente houtsnippers gehaald en 2 kar-ladingen vol in het Biëejehöfke aangebracht.
Nieuwe houtsnippers om het onkruid in toom te houden
Paadje voor bloemenperkje
De bijenstand met de boerderij van Vroemen op de achtergrond
Het drogen van voedsel is een hobby die als verlengstuk van het kweken van groenten, fruit en kruiden erg logisch is. Een aantal jaar geleden kocht ik hiervoor een voedseldroger. Deze heeft met veel plezier velen uren gemaakt maar begaf het dan toch vorige maand echt. Er zat geen leven meer in. De appels die er op dat moment in zaten in de oven verder gedroogd en op zoek naar een nieuwe.
De keuze is gevallen op de Turbo Wave. Bij deze voedseldroger komt de lucht via de zijkant. Bij mijn vorige kwam de lucht van bovenaf. Het voordeel van de huidige is dat de onderdelen in de vaatwasser kunnen. Ook maakt hij een stuk minder geluid.
De nieuwe aanwinst al gevuld en aan het werk
Naast pepers die ik droog en onder andere tot chilipoeder vermaal, zijn er veel andere zaken die ik droog. Kruiden uit de tuin zoals tijm, laurier, oregano, daslook en rozemarijn maar ook fruit zoals bananen, aardbeien, appels en watermeloen. Tomaten zijn heerlijk met wat kruiden en ook noten met honing en zeezout zijn superlekker uit de voedseldroger. Veel kruidenpoeder in de keuken maken we tegenwoordig zelf. Knoflookpoeder, paprikapoeder, uienpoeder, verschillende pepermixen , zelfgemaakte bouillonpoeder starten allemaal in de voedseldroger en belanden via de foodprocessor en een zeef uiteindelijk in potjes.
Hoewel het drogen van voedsel in eerste instantie is om voedsel houdbaar te maken, doet het heel veel met de smaak. Doordat het vocht onttrokken wordt, concentreert de smaak zich enorm. Die kun je vervolgens combineren tot hele lekkere hapjes.
Hoewel het nog best warm is buiten en de meeste mensen nog niet aan de koude maanden willen denken, zijn de meeste imkers al tijden bezig met de winter. Nadat er in de zomer de honing is geoogst, moet het afgenomen voer aangevuld worden zodat de bijen de winter goed doorkomen. Natuurlijk trek je als verantwoord imker een volk niet kaal en probeer je het deels op eigen honing te laten overwinteren, maar het is belangrijk om te controleren of de opgeslagen voorraden voldoende zijn en deze anders aan te vullen.
Het aanvullen gaat middels het voeren van de bijen met suikerwater. Hiervoor moet suiker in water opgelost worden in de verhouding 3:2 (S:W). Met 1 kast is dat nog wel met roeren te doen, maar bij meerdere kasten niet meer. Hiervoor gebruik ik een Sukapi. Dit zijn 2 emmers bovenop elkaar. De bovenste emmer heeft een bodem met een hoop gaatjes van ongeveer 1,5 mm. Op de onderste emmer zit een deksel met een groot gat. De bovenste emmer wordt gevuld met suiker (6 kg) en daarna met water (4 Liter). De dikke suikerlaag houdt het water tegen maar na verloop van tijd, sijpelt het water erdoorheen en drupt in de onderste emmer. Op dat moment is het water verzadigd met suiker. Na een aantal uur is de emmer doorgelopen en zit de onderste emmer vol met suikerwater. Dit wordt vervolgens aan de bijen gevoerd.
Gaatjes in de bodem van de bovenste emmer
Gevuld met suiker en water
Rustig aan het werk
Mocht je in deze tijden iemand in de supermarkt zien staan met een grote hoeveelheid suiker in zijn karretje dan heeft hij waarschijnlijk bijen. Heeft hij evenredig veel toiletpapier in zijn wagentje dan is het waarschijnlijk gewoon een hamsteraar.
Dit jaar hebben 4 kasten honing geleverd. Doordat ik zelf een fout maakte met het te vroeg splitsen van 3 kasten, is het geen optimale opbrengst qua hoeveelheid, maar toch meer dan dat we zo links en rechts snel verkopen aan vrienden en bekenden. Het werd dus hoog tijd voor een bord aan de deur. Natuurlijk moet dit dan in de Oet de Gaard stijl. En wat is een bord als er ook niet ergens een potje honing staat? We zijn immers niet altijd thuis. Dus er moest ook een kastje komen voor kleinverkoop aan de deur.
Samen met Nadja flink aan de slag gegaan. En dit is het resultaat.
Geheel in Oet de Gaard stijl
De binnenkant van het kastje
Laat de klanten maar komen!
Het geheel inclusief ongelukkig gekozen bodembedekking.
In een eerder blog is al beschreven dat ik via Wiel een mooie schouwkast heb gekregen. In deze kast kun je makkelijk achter glas laten zien hoe bijen leven zonder dat de bijen zelf naar buiten komen. Deze kast was al op leeftijd en bij nadere inspectie waren er plekken in het hout die niet meer goed leken. Dat vroeg dus om wat aandacht.
Om alles goed te kunnen inspecteren moest hij helemaal uit elkaar. Hierdoor werd snel duidelijk dat de onderkant vervangen moest worden. Op sommige plaatsen rot en er zat hout worm in. Ook het latje aan de bovenkant was aan vervanging toe.
Onderkant
Bovenlatje
In de onderkant zat een sleuf uitgefreesd die onder een metalen plaatje met gaatjes uitkwam. Het lijkt erop dat dit als verluchting bedoeld is. Deze kast zit echt vernuftig in elkaar. Het leuke van reverse engineering (het uit elkaar halen van dingen om te kijken hoe het werkt) is dat het lijkt of je samen met de originele maker klust. Met gedegen handwerk als dit zie je dan hoe en waarom bepaalde keuzes gemaakt zijn.
Voor de bodem heb ik een stuk beukenhout gebruikt dat ik nog had liggen. Een stuk zwaarder dan het origineel, maar het staat dan uiteindelijk wel stabiel. Ik heb besloten de verluchting die was aangebracht uit te breiden. Bijen lopen eerder warm dan dat ze het koud hebben. Bovenlatje is ook een stuk resthout.
Verluchting uitgebreid naar 4 gaten in een 2x zo lange sleuf
Bij gebrek aan frees ouderwets met de beitel
Valt allemaal weg onder het latje
Oud en nieuw naast elkaar
Ook in de deurtjes bleek een houtworm te hebben geleefd. Geen idee of hij er nog inzit, maar vervangen van de deurtjes en rechte staanders zou betekenen dat de kast helemaal opnieuw is opgebouwd. Dat vind ik voor nu te drastisch. Dus deze zijn gewoon opgeknapt. Omdat ik het patina van de scharnieren en het metalen ventilatie plaatje erg mooi vond heb ik die origineel gelaten.
Houtwormgaatjes en een van de scharnieren
Scharnieren afgeplakt en klaar voor een nieuw kleurtje
De nieuwe kleur is een donkergroen die grachten groen heet. Geen idee welke grachten dat zijn, maar ga daar niet in zwemmen! Op een bijenkast staat het prima.
De nieuwe ventilatie gaten met rooster
Oude ventilatierooster hergebruikt
Open
en dicht
Achterkant
Voorkant met vlieggat
Voor het vlieggat komt nog een sluiting maar ik ben er nog niet uit hoe ik dat wil doen. Aangezien hij toch pas in de lente gebruikt kan worden heeft dat nog ruim de tijd.
Dit jaar, wat later dan normaal, zijn er weer kuikentjes geboren. Een nestje van 4 kuikentjes wat uiteindelijk door 3 kloekjes is uitgebroed. Het leek er in het begin op dat het haantje de eitjes niet goed bevruchtte, maar het is dus alsnog goed gekomen. Het ras dat we houden zijn Serama’s. Dit is het kleinste kippenras ter wereld. Ze hebben een hok, maar lopen eigenlijk altijd los door de tuin.
Het oudste kuiken mag al naar buiten
de rest van de club
lekker warm bij mama of tante
De bijen hebben ook hard doorgewerkt en ik heb dan ook de zomerhoning mogen oogsten. Deze is uitzonderlijk lekker. In Sittard staan veel Lindebomen rondom de bijenstand. In de zomer is dit dan vaak de overheersende smaak. Een beetje muntachtig. Is ook lekker maar ik houd zelf meer van een iets kruidiger of vollere smaak bij de honing. Toen de Linde hier begon te bloeien is er een aantal dagen een enorme bak regen uit de lucht gevallen. Ik denk nu dat daardoor de Lindedracht erg is tegengevallen. Dit is ook merkbaar aan de opbrengst. Hierdoor is de smaak, en natuurlijk valt daarover te twisten, echter een stuk beter geworden.
Naast de honing uit Sittard is er nu ook de primeur uit Voerendaal. Slechts een kleine hoeveelheid, maar een duidelijk te proeven verschil in smaak. En natuurlijk weer honing uit Heerlen. Door een fout van mij is de hoeveelheid wat minder want ik heb het volk op een ongunstig tijdstip gesplitst. Maar de smaak is erg goed.